Woensdag 30 maart 2016

“De beste Sanne te worden die ik kon zijn”

Sinds mei 2014 werkt ex-shorttrackster en olympiër Sanne van Kerkhof als intercedent bij Randstad, waarvan de laatste drie maanden in Amsterdam. Ze behaalde tijdens haar topsportcarrière mooie resultaten waaronder viermaal Europees Kampioen en goud tijdens de World Cup in Dresden. Het werken voor een medaille geeft een heel duidelijke focus die in een maatschappelijke carrière wellicht minder voor de hand ligt. “Topsporters leggen zichzelf hoge eisen op en zijn erg resultaatgericht wat enorm waardevol kan zijn voor elke werkgever.”

Er kan maar één winnaar zijn

De basis voor Sannes’ schaatscarrière wordt gelegd als ze als tienjarige in aanraking komt met de sport. “Mijn ouders vonden sport belangrijk voor ons, omdat het gezond is natuurlijk, maar ook omdat je er mee leert samenwerken, samen spelen”, vertelt Sanne. “Als klein meisje was ik bedreven in atletiek. Ik was erg beweeglijk, deed ook aan onder andere hoogspringen. Toen de Elfstedentocht van 1997 was opperde mijn vader dat het leuk voor me zou zijn om te leren schaatsen. Dat heb ik dan ook gedaan. En van het een kwam het ander: ik kreeg een hoger niveau, werd uitgenodigd voor een gewest, en daarna was het Jong Oranje. Ik vond het ook leuk, de wedstrijden, de uitnodigingen. Mijn ouders hamerden wel erg op school. Zo mocht ik niet schaatsen tijdens proefwerkweken. Topsport zat er niet erg in bij mijn ouders; zij waren zich er erg bewust van dat er maar één winnaar kan zijn. En om voor die kleine kans dan alles opzij te zetten…. Maar natuurlijk stonden ze achter mij en mijn zusje en waren ze erg trots op wat we bereikten.”

Combinatie

Sanne ontwikkelde zich dan ook verder en kwam bij de top terecht. Een opleiding bleef echter belangrijk. “De KNSB besloot in Heerenveen te gaan trainen”, licht Sanne toe. “Van mijn ouders mocht ik pas naar Heerenveen als ik de eerste twee jaar van mijn opleiding had afgerond. Ik zat op de Stenden Hogeschool in Leiden, waar ik een studie Sociaal Pedagogische Hulpverlening volgde. Dat was een reguliere opleiding, maar er werd wel rekening gehouden met mijn sport. Ik was druk met mijn studie, wat de nodige discipline vergde. Tegelijkertijd lag mijn focus op een olympische medaille. Die combinatie heb ik als positief ervaren; anders is er niets naast het schaatsen.”

De beste Sanne worden die ik zijn kon

Sanne leeft een tijdlang van olympische cyclus naar olympische cyclus. Door een rugblessure moet ze keuzes gaan maken, minder trainen. “Ik kon op dat moment niet accepteren niet naar de Spelen te gaan”, aldus Sanne. “Ik heb getraind om de beste Sanne te worden die ik zijn kon. En het lukte me uiteindelijk mijn snelste rondje ooit te rijden, waar ik heel trots op ben. Dat was voor mij het bewijs dat als je écht iets wilt, het je ook lukt. Het halen van een medaille had ik niet zelf in de hand, er zijn immers ook tegenstanders. Maar ik heb het beste in mezelf boven kunnen halen.”

Je leeft in een ei

Nog een olympische cyclus lukte niet meer. Sanne maakte een bewuste keuze om te stoppen met topsport. “Had ik die slechte rug niet gehad, dan was het misschien anders gelopen. Maar toen ik eenmaal wist dat ik ging stoppen, heb ik wat loopbaangesprekken aangevraagd. Randstad was op dat moment sponsor van het team, dus dat was een logische keuze. De gesprekken voerde ik in de rustige perioden. Je weet toch dat je als je stopt daarna zo snel mogelijk aan het werk moet. Ik had niet heel snel een beeld van wat het moest worden. Ik had een opleiding in pedagogische hulpverlening, maar de commerciële, zakelijke kant sprak me eigenlijk meer aan. Ik heb veel vacatures bekeken, en liep ook een paar dagen mee bij verschillende onderdelen van Randstad. Eigenlijk sprak het me toen wel aan. Je komt bij Randstad allerlei mensen tegen, ook veel (ex-)topsporters. Tijdens het schaatsen zat ik in een veel kleinere wereld, je leeft dan echt in een ei. Ik solliciteerde op een openstaande vacature en werd na verschillende sollicitatieronden aangenomen. Zo startte ik eind mei 2014 bij Randstad in Heerenveen. En sinds januari van dit jaar is Amsterdam mijn standplaats. Het beruchte ‘zwarte gat’ heb ik niet ervaren. Maar je moet er wel echt zelf voor aan de slag gaan, en niet afwachten. Randstad heeft me goed geholpen. Verder had wat mij betreft de nazorg vanuit de sport wel iets sterker mogen zijn. Er wordt naar mijn mening te weinig aandacht besteed aan de ‘af-training’ en ook al ben je voor je land uitgekomen, is er ook op financieel vlak weinig nazorg.”

Dynamiek

Voor een werkgever kan het heel waardevol zijn om een (ex-)topsporter in dienst te nemen, zo vindt ook Sanne. “Als topsporter kun je ergens helemaal voor gaan, jezelf hele hoge eisen opleggen. Topsporters zijn resultaatgericht en zijn ook in staat tot de nodige zelfreflectie. Tijdens het sporten leer je veel kritiek te ontvangen. Je traint en werkt op het scherpst van de snede waardoor je sneller groeit. Bij tegenslag ga je gewoon door. Topsporters hebben een groot doorzettingsvermogen, zijn harde werkers, kunnen zich ergens helemaal in vastbijten en zijn erg toegewijd. Allemaal eigenschappen die waardevol kunnen zijn voor een werkgever. Als een werkgever zo iemand in dienst neemt, brengt dat een heel andere dynamiek in een team.”

Hemel wie ben ik?

“Weet je dus als topsporter dat je gaat stoppen, dan doe je er goed aan in de rustige perioden vast wat loopbaangesprekken te gaan voeren. Het vooruitzicht dat je stopt zit dan toch in je hoofd en houdt je bezig”, vindt Sanne. “Je leert veel van die gesprekken, krijgt zicht op wat je sterke punten zijn. Voor die gesprekken had ik zoiets van ‘hemel wie ben ik eigenlijk’? Bij het schaatsen is je doel, je ambitie heel duidelijk: dat is die medaille. Op dit moment heb ik mijn ambities nog minder duidelijk voor ogen. Ik ben erg bezig me te ontwikkelen in wat in nu doe en kan. Over vijf jaar kan ik je vast meer vertellen”, lacht Sanne.

Foto's: Twitter @sannevkerkhof