Dinsdag 02 december 2014

Hans van Breukelen: “Vitaliteit is lekker in je vel zitten”

“Ik ga hier vandaag weg met behoorlijk wat huiswerk”, zegt Sander Wesdorp, bestuurder van FNV Sport en vice-voorzitter van Samen Presteren, na de tweede bijeenkomst van De Sport Recordings. In deze serie van tien bijeenkomsten gaan werknemers en werkgevers in de sport over diverse thema’s in gesprek met deskundigen, om zo input te vergaren ter verbetering van de arbeidsvoorwaarden in de sportsector. 2Basics organiseert de Sport Recordings in opdracht van ‘Samen Presteren’, het in 2013 opgerichte arbeidsmarktfonds in de sport. Tijdens de tweede sessie stond het thema ‘vitaliteit’ op het programma. “Die slaan we meteen maar even plat”, aldus gastspreker Hans van Breukelen: “Vitaliteit is lekker in je vel zitten.”

Van Breukelen richtte in 2009 samen met John Midavaine en Gerard Egberts ‘Vooruit met Topsporters’ op. Samen met ex-topsporters helpen zij bedrijven met de vitaliteit van werknemers, het voorkomen van uitval, en re-integratie. ‘Vooruit met Topsporters’ heeft daar geen speciale programma’s voor ontwikkeld. “Het gaat niet om programma’s maar om mensen”, zegt Van Breukelen. “Bij vitaliteit op de werkvloer denken mensen vaak aan fitnessruimtes in een bedrijfspand, een werkgever die sport aanbiedt, flexibele werktijden, noem maar op. Dat zijn allemaal zaken die mensen helpen om meer te bewegen, maar uiteindelijk gaat het erom dat mensen lekker in hun vel zitten en hoe je dat bereikt, is voor ieder mens verschillend.”

Niet het gedrag maar het denken

Van Breukelen wil niet het gedrag van mensen veranderen, maar hun denken. “Als iemand zich te barsten rookt en hij zit lekker in zijn vel, dan is dat ook een keuze. Als je zo iemand gezonder wil laten leven, moet je je afvragen waarom hij zijn gedrag zou willen veranderen en hoe hij ervan overtuigd raakt dat hij zonder die sigaret lekkerder in zijn vel zit.” Als voorbeeld noemt hij vervoersdienst Veolia, waar ‘Vooruit met Topsporters’ een project deed.

“Daar had ik te maken met een buschauffeur met enorm overgewicht. Ik vroeg hem wat hij het leukste vond om te doen. ‘Voetballen met de kleinkinderen’, zei hij. Maar dat kon hij eigenlijk nauwelijks meer, want na een minuut zat hij alweer uitgeput op de bank. Ik kan wel tegen die man zeggen dat hij meer moet gaan bewegen omdat het goed voor hem is, maar als hij het doet omdat hij dan weer kan voetballen met zijn kleinkinderen, komt de motivatie uit hemzelf.”

Individueel belang

Vitaliteit op de werkvloer is volgens Van Breukelen een gedeelde verantwoordelijkheid van de werkgever en de werknemer. “Een werkgever heeft er belang bij dat zijn onderneming goed functioneert en iedereen begrijpt dat mensen beter functioneren als ze beter in hun vel zitten. Een werkgever die roept: ‘Ze moeten niet zeuren want ik betaal ze toch om te presteren’, doet op de lange termijn dus ook zichzelf tekort. Ik praat daarom liever niet over werkgevers en werknemers. Het is de kunst om erachter te komen wat het individuele belang van een persoon is.”

"Ik heb vier weken op een roze wolk geleefd"

1988

De oud-keeper die in 1988 de Europa Cup I won met PSV en Europees kampioen werd met Oranje geeft een voorbeeld uit zijn eigen sportcarrière. “1988 was mijn grootste jaar. Ik heb vier weken op een roze wolk geleefd. Maar het jaar daarvoor was alles totaal anders. Ik voelde me dood en begraven. Ik was uit Oranje gezet, ik werd neergezet als een geboren verliezer en zo voelde ik me ook. Ik wilde van alles om mij heen veranderen. De journalisten deden het fout, de trainer zag het niet goed, mijn medespelers..."

"Maar uiteindelijk kwam ik erachter dat ik op de buitenwereld bijna geen invloed had. Ik moest mezelf veranderen. Ik had met voetbal van mijn hobby mijn werk gemaakt en ik moest terug naar het plezier. Wat vond ik nou het leukste om te doen? Voetballen. Vanaf dat moment stak ik mijn energie niet meer in zaken waar ik geen invloed op had, maar in mijn eigen sport. Ik was weer bezig met mijn fysiek en mijn techniek. Natuurlijk heb ik daar ook hulp bij gehad, in eerste instantie van mijn vrouw Karin. Een medespeler raadde me de haptonoom Ted Troost aan en die hielp mij om te ontspannen.”

Privésfeer

Vitaliteit, lekker in je vel zitten, hangt samen met allerlei zaken: gezond eten; om kunnen gaan met stress; de balans vinden tussen werk en privé; plezier hebben in wat je doet en natuurlijk voldoende bewegen. Ervoor zorgen dat het individu op de werkvloer goed in zijn vel zit, is dan ook makkelijker gezegd dan gedaan. “Wat kan je daar als werkgever dan aan doen?”, is een van de vragen vanuit de zaal. Van Breukelen antwoordt met een wedervraag:

“Hoe vaak stel je aan je werknemers de vraag of zij wel lekker in hun vel zitten?” De antwoorden uit de zaal zijn wisselend. Kom je als werkgever niet te veel in de privésfeer als je dat soort vragen stelt? Van Breukelen vindt van niet. “Zowel de werkgever als de werknemer hebben er belang bij dat de werknemer goed in zijn vel zit en de werkgever heeft de plicht om daarin de faciliteren. Om dat te kunnen doen, moet hij wel weten wat de werknemer drijft.”

Reorganisaties

Een werkgever moet dus handvatten bieden om werknemers vitaal te maken, maar dat is wel een van de eerste thema’s die sneuvelen als er banen op de tocht staan’, merkt Christoffel van Hees van het Watersportverbond op. “Als je op zo’n moment vraagt of iemand wel lekker in zijn vel zit, word je uitgelachen.” De economische crisis heeft ook de sportwereld getroffen en bijna alle aanwezigen hebben in de afgelopen twee jaar minstens één reorganisatie meegemaakt. Reorganisaties gaan meestal gepaard met ontslagen en dat heeft niet alleen weerslag op de mensen die weg moeten, maar ook op de mensen die blijven. Er kan een sfeer ontstaan van wantrouwen en afgunst.

Een van de aanwezigen verhaalt zelfs van fysiek geweld op de werkvloer

Een van de aanwezigen maakte de afgelopen jaren een aantal reorganisaties mee en verhaalt zelfs van fysiek geweld op de werkvloer. Hoe moeilijk het ook is, ook in dit soort gevallen hebben werkgever en werknemer volgens Van Breukelen een gedeelde verantwoordelijkheid:

“Op het moment dat je afscheid moet nemen van mensen omdat de organisatie anders failliet gaat, kun je mensen proberen te begeleiden in hun volgende stappen. Ook hier geldt weer dat je uit moet gaan van het individu. Wat wil iemand en wat kan iemand? De werknemer die ontslagen wordt kan aan dat ontslag zelf niets meer veranderen. Dat is pech, maar aan pech zit altijd één geluk: je kan zelf bepalen hoe je ermee omgaat. Mensen wijzen vaak naar anderen, maar het begint bij jezelf. Ik ken ook mensen die bij hun ontslag kansen hebben gegrepen en achteraf riepen: ‘Was ik maar vijf jaar eerder ontslagen’.”

Tandarts met gaatjes

Vitaliteit staat bij sportorganisaties van nature hoog op de agenda, zo blijkt uit een rondvraag. De meeste aanwezigen krijgen van hun werkgever de ruimte om te sporten en veelal gebeurt dit zelfs in groepsverband. Bij de volleybalbond worden tussen het werk door bijvoorbeeld onderlinge partijtjes volleybal gespeeld. Mogen werkgevers in de sport van hun werknemers eisen dat zij aan sport doen? 'Ja', zegt Lobke Mentrop van de WOS (Werkgevers in de Sport):

“Als je werkt in de sport moet je zelf ook uitstralen dat je het belangrijk vindt. Je bent toch een soort ambassadeur.” De meningen zijn verdeeld. “Mag een tandarts geen gaatjes hebben?”, vraagt Nicole Hoogwerf van de zwembond zich af. Van Breukelen geeft een antwoord waarin de meeste aanwezigen zich kunnen vinden: “De een heeft een sterker gebit dan de ander, gaatjes kun je misschien niet voorkomen, maar je kunt er wel alles aan doen door goed te poetsen.”

Als het gaat om vitaliteit hebben werknemers en werkgevers een gedeelde verantwoordelijkheid

Die vergelijking vat de middag goed samen. Als het gaat om vitaliteit hebben werknemers en werkgevers een gedeelde verantwoordelijkheid, ze moeten er alles aan doen en ieder individu is anders. Vooral om die laatste reden is er geen pasklaar antwoord op de vraag hoe werkgevers in de sport ‘vitaliteit’ moeten opnemen in collectieve arbeidsvoorwaarden, een vraagstuk waar Sander Wesdorp zijn hoofd over buigt.

“Je zou in de cao kunnen vastleggen dat er een persoonlijk budget voor vitaliteit per medewerker moet komen”, zegt hij. “Geen gek idee”, vindt Van Breukelen. “De ene medewerker besteedt het aan een paar hardloopschoenen en een ander doet er weer iets heel anders mee. Maar daar staat ook de verantwoordelijkheid van de werknemer tegenover om die hardloopschoenen te gebruiken. Hoeveel kilometer loopt iemand echt? Ik wil als werkgever wel resultaat zien.”

Bron: Sportknowhow XL, samenwerkingspartner van De Sport Recordings, een initiatief van Samen Presteren

door: Leo Aquina