Dinsdag 24 mei 2016

Meer werkgelegenheid, minder vaak sportbaan

Goed nieuws voor mbo- en hbo-afgestudeerden in de sport: de laatste Arbeidsmarktmonitor Sport laat zien dat de werkgelegenheid tussen 2013 en 2015 is toegenomen. Wel komt men minder vaak in de sport terecht. Enkele highlights uit het onderzoek:

Meer werkgelegenheid voor mbo- en hbo-alumni, minder vaak een sportbaan

De werkgelegenheid voor mbo- en hbo-gediplomeerden is tussen 2013 en 2015 toegenomen. Het percentage gediplomeerden dat twee jaar na afstuderen geen baan heeft is gedaald: bij mbo-gediplomeerden van 17% naar 10%, bij hbo-gediplomeerden van 9% naar 6%. De helft (mbo) tot twee derde (hbo) van de gediplomeerden zonder baan is werkzoekend. Gediplomeerden komen ten opzichte van de vorige meting naar verhouding vaker terecht in banen die niet met sport en bewegen te maken hebben. Ook werkgevers zien vaker een groei (24%) dan een afname (12%) van het aantal fte aan sportbanen in hun organisatie. 

Veel en kleine banen

Een deel van de gediplomeerden van sportopleidingen heeft meer dan één baan. Twee jaar na afstuderen geldt dit voor 32% van alle mbo-gediplomeerden en voor 37% van de hbo-gediplomeerden. Dit duidt er op dat het veelal om relatief kleine banen gaat, vaak zowel sportbanen als andere banen. Bij elkaar opgeteld werken mbo-gediplomeerden die een sportbaan hebben gemiddeld 23 uur per week: 18 uur in de sportbaan/sportbanen en 5 uur elders. Op dit moment liggen er voor werkzoekenden nog steeds kansen op het vlak van combinaties. Combinaties van meerdere ‘kleine banen’ die je als werknemer bij jezelf kunt verenigen. Maar ook combinaties van sport met andere sectoren: 

Werkgelegenheid gelijk verdeeld over sportsector en overige sectoren

De sportgerelateerde werkgelegenheid voor mbo- en hbo-gediplomeerden 2012-2013 ligt voor ruim de helft (53%) in branches die we tot de sportsector rekenen - zoals sportverenigingen, fitnesscentra en de zwembranche – en voor iets minder dan de helft (47%) in andere sectoren Voor hbo-gediplomeerden bevindt de werkgelegenheid zich naar verhouding vaak buiten de sportsector, en dan met name in het onderwijs.