Vrijdag 28 oktober 2016

“SportAssist vormt ook mijn ambitie”

Richard Jacobs is nu ruim een jaar werkzaam als projectleider bij SportAssist. Hij is verantwoordelijk voor de procesbegeleiding van diverse projecten bij sportbonden of sportorganisaties op het gebied van besturen, beleid, management en organisatieontwikkeling. Een functie waarbij hij in aanraking komt met veel verschillende organisaties, rollen en belangen. “SportAssist helpt zo ook mijn ambitie te vormen.”

Flexibele schil

SportAssist ontstond 12 jaar geleden, toen met name vanuit de kleinere sportbonden de behoefte aan een ‘flexibele schil’ in de sport toenam. “Ze wilden mensen kunnen invliegen wanneer ze de capaciteit nodig hadden”, licht Richard toe, “maar er niet direct aan vast zitten. In de jaren daarna ontwikkelde het zich door naar het aanpakken van HR-vraagstukken in de sport. Mobiliteit binnen de sport werd voor zowel werkgevers als werknemers belangrijk. Werkgevers hebben soms behoefte aan meer of andere expertise binnen de organisatie. Dit zorgt voor nieuwe inzichten en kennisdeling tussen bonden. Werknemers leren tegelijkertijd enorm veel door zich een tijdje bij een andere organisatie in te zetten. Het zorgt voor verfrissing van hun kennis en kunde en is goed voor hun persoonlijke ontwikkeling.”

De sport helpen

Het tijdelijk inzetten van medewerkers via de SportAssist-formule vormt een deel van de dienstverlening. Daarnaast worden SportAssist-medewerkers ingezet bij specifieke vraagstukken. Richard is een van de drie mensen binnen NOC*NSF die zo vrijwel continu worden uitgezet en in feite zichzelf terugverdienen. “Het is geen winstgevende onderneming, maar puur bedoeld om de sport te helpen”, vertelt hij. “Het vormt een alternatief voor de vaak duurdere externe communicatie- en adviesbureaus. Ieder van ons doet dat vanuit zijn eigen achtergrond en expertise.”

Mobiliteit binnen de sport

Richard is wat dat betreft als 31-jarige een schoolvoorbeeld van hoe mobiliteit binnen de sport je verder kan helpen. Hij begon met Sport, Economie en Communicatie in Tilburg, later aangevuld met Sportbeleid en Sportmanagement in Utrecht. Daar volgde hij een duaal traject: school gecombineerd met stage. De stage vulde hij in bij de Volleybalbond, waar hij deels op projecten werd ingezet zoals het masterplan arbitrage. Na een aantal maanden kwam er een vacature voorbij voor 24 uur. “Daar heb ik op gesolliciteerd en ik ging aan de slag als coördinator arbitrage”, zegt Richard. “Toen mijn opleiding was afgerond kwam er een mooie kans bij de KNVB voorbij. Daar ben ik vier jaar werkzaam geweest als arbitragecoördinator voor de top- en hoofdklasse. Hartstikke leerzaam, ik hield me bezig met beleidsontwikkeling, het efficiënt inrichten van bedrijfsprocessen, en leerde tegelijkertijd de sport nog beter kennen. SportAssist bood daarna een nieuwe uitdaging waar ik mijn kwaliteiten nog meer kon benutten en me op strategisch niveau beter kon ontwikkelen, ook buiten de arbitrage. Door de verschillende rollen die ik inneem en de projecten die naast elkaar spelen, is het erg leerzaam. De ene keer ben ik adviseur, dan weer procesbegeleider, of ik schrijf inhoudelijk mee aan plannen. Ik vraag me wel eens af waar ik me in de toekomst in wil specialiseren. Door deze functie bij SportAssist wordt duidelijker waar mijn ambities liggen.”

Nevengevolgen

“Dat is ook juist waar de kracht van SportAssist voor werknemers ligt”, vervolgt Richard. “Binnen de sport kan men enorm veel van elkaar leren. Mensen in vergelijkbare functies worden nog te weinig met elkaar in contact gebracht. Naast het invullen van specifieke opdrachten of vraagstukken is het ook een ideale manier om op breder vlak kennis uit te wisselen. Zo was ik bijvoorbeeld interim-projectleider bij de Squashbond. Zoals veel andere bonden was deze op zoek naar de meerwaarde van de bond voor de squasher en de squashcentra om zo de kwaliteit te verbeteren. Er zat echter ook een medewerker competitiezaken die het fijn vond om met mij over bepaalde onderwerpen te sparren. Dan heeft je inzet dus nevengevolgen naast het project waarvoor je bent ingehuurd.”

Voorbeelden inzet SportAssist

Waar kunnen we nog meer aan denken bij de inzet van SportAssist? “Een ander mooi voorbeeld is de Survivalrun bond”, antwoord Richard. “Deze bond wil lid worden van NOC*NSF. Daarvoor gelden enkele minimale kwaliteitseisen, zoals het opstellen van een meerjarenbeleidsplan. Ik heb ze begeleid bij het proces en de benodigde documenten met ze opgesteld. De bond had daar zelf geen tijd en capaciteit voor en zit nu in een traject om bij de ALV voorgedragen te worden. Nog een voorbeeld is de Green Deal, een opdracht die gaat over gewasbestrijdingsmiddelen. De middelen die nu op sportvelden worden gebruikt, daar komt in 2020 een verbod op. Nu zijn we met de partijen op zoek naar alternatieven. Het is mooi om het proces te begeleiden om de neuzen dezelfde kant op te krijgen. Zeker omdat er zoveel partijen bij betrokken zijn -sportbonden, brancheorganisaties, natuurorganisaties, VSG- met ieder hierin hun eigen belang.”

Interessant houden

"Een mooi voorbeeld van mobiliteit binnen de sport is Annemieke Beute, werkzaam bij de zwembond, die de afgelopen jaren is ingezet voor diverse vraagstukken in de sport. Zo is ze afgelopen zomer bij Reddingsbrigade Nederland aan de slag gegaan met het opstellen van een investeringsplan voor de topsport. Om mensen voor de sport te behouden en te verrijken, kunnen daarnaast medewerkers bij andere bonden worden ingezet via de SportAssist formule. Mensen kunnen zelf aangeven daar interesse in te hebben. Hun cv wordt dan in de database opgenomen en zo hebben wij overzicht van de mogelijkheden. De kwaliteit staat daarbij voorop; mensen moeten wel affiniteit met allerlei vraagstukken hebben. Wat mij betreft mag daar nog wel meer gebruik van gemaakt worden. Zowel de werkgevers die met vraagstukken komen, als werknemers die nieuwsgierig zijn naar het tijdelijk bij een andere bond werken. Ik snap wel dat werkgevers eerst hun eigen toko op orde willen hebben, maar hoop dat ze ook meer gaan kijken naar de persoonlijke ontwikkeling van hun werknemers. Zo houden we het ook interessant om in de sport te blijven werken. Het is krachtiger voor de sport als geheel in plaats van sportspecifiek.”

Optimaal presteren

“Wat ik echt mooi zou vinden”, besluit Richard, “is als we naar HR in de sport zouden kijken zoals we naar topsport kijken. We proberen topsporters altijd zo te faciliteren dat ze optimale prestaties kunnen leveren. Dat doen we in algemene zin nog te weinig voor medewerkers in de sport. Door te kijken naar training, coaching, de juiste faciliteiten en mobiliteit te bieden, kunnen ook werknemers optimaal presteren. Dat streven mag er wel zijn in de HR om de beste werkgever van Nederland te worden. De sport heeft als geen ander kennis van die materie. Waarom projecteren we dat niet op werknemers? Mensen in elke fase van hun ontwikkeling maatgericht helpen, waardoor je ook een interessantere werkgever wordt. Vaak ontbreekt het aan tijd of prioriteit naast de andere werkzaamheden. Ideaal zou het daarom zijn als elke werkgever in de sport een bepaalde tijd, zeg tien procent, vrijmaakt binnen de functie van een werknemer om zich te richten op persoonlijke ontwikkeling. Dat kan via SportAssist, maar ook met scholing, coaching of door de persoonlijke kwaliteiten te onderzoeken, zoals met het E-portal. Deze stap zou een enorme boost aan de kwaliteit van sportorganisaties kunnen geven”.