Vrijdag 17 april 2015

Trotse sportprofessionals hoofdrol in Nationale Sportweek

Morgen trapt Doetinchem af met alweer de twaalfde Nationale Sportweek, hét landelijk sportevenement dat sporten in de etalage zet. Van een bewustwordingscampagne groeide het onder de hoede van Kees Sijbesma, adviseur Sportparticipatie bij NOC*NSF, uit tot een week waarin gemeenten via buurtsportcoaches, combinatiefunctionarissen en vrijwilligers met trots de deuren openzetten voor sportend Nederland. En met succes, want elk jaar blijft een deel van de nieuwkomers ook na de Nationale Sportweek sporten! Kees is bijzonder trots op alle voorbeelden van lokale sportpromotie die hij ook deze week weer zal zien. “Ik kan eindeloos veel voorbeelden noemen van de variatie en creativiteit waarmee mensen aan de slag gaan.”

Van bewustwording naar aanbod

Vanuit de sportdetailhandel (winkels en merken) ontstond twaalf jaar geleden het idee om sporten bij de Nederlander onder de aandacht te brengen. Met NOC*NSF werd het oorspronkelijke idee om een sportmaand te organiseren besproken. Daar kwam uiteindelijk de Nationale Sportweek uit voort. Aanvankelijk werd het neergezet als een bewustwordingscampagne. De boodschap was dat het goed is om stil te staan bij de positieve effecten van sport en beweging. Kees Sijbesma ging er zeven jaar geleden als projectleider mee aan de slag. “Ik ben toen het partnership met gemeenten en nauwere samenwerking met sportbonden gaan zoeken”, licht Kees toe. “In plaats van alleen bewustwording zijn we naar concreet aanbod gaan zoeken. Daar hoort elk jaar een host city bij, dit keer is dat Doetinchem. En het managen van de totale uitvoering, dus de contacten met gemeenten, sportbonden, communicatie en dergelijke, waar ik een fantastisch team voor tot mijn beschikking heb. Het heeft succes. Dit jaar doen weer 204 gemeenten mee. In feite alle grote gemeenten plus 40 sportbonden. Vorig jaar waren er een miljoen deelnemers, dat gaan we nu ook weer halen. We hebben het weer dit jaar ook mee. De afgelopen jaren was het meestal fris en regenachtig, deze week belooft heel zonnig te worden. Ik denk dat we het door het weer, in combinatie met het grote en gevarieerde aanbod, nog een tandje beter gaan doen.”

Trots op sportetalage

Het mooie is dat het beklijft. “Klopt”, zegt Kees, “een deel blijft ook na de Nationale Sportweek sporten. We weten inmiddels dat ongeveer een derde van de deelnemers aan een activiteit nieuw is, die neemt voor het eerst deel aan een bepaalde tak van sport. Dat is gegroeid, waarschijnlijk ook doordat het aanbod de eerste jaren vooral op jeugd was gericht, terwijl het nu breder is. Er is aanbod voor iedereen die zich wil heroriënteren in zijn sportloopbaan. Naar schatting blijven jaarlijks zo’n 40.000 nieuwkomers sporten. Het meest belangrijke element aan de Nationale Sportweek is dan ook de sportetalage. Elke club is trots op wat hij doet, elke professional – er zijn steeds meer buurtsportcoaches bij het evenement betrokken – wil graag laten zien wat er allemaal op sportgebied gebeurt. Daar is deze week uitermate geschikt voor.”

Buurtsportcoaches drukken stempel op evenement

Bij zo’n breed gedragen evenement zijn uiteraard veel werkenden in de sport betrokken. “Dat gaat om duizenden professionals en vrijwilligers”, beaamt Kees. “Buurtsportcoaches en combinatiefunctionarissen spelen wel een steeds bepalender rol in de ontwikkeling van de lokale sportweek. Ruim zeventig procent wordt inmiddels georganiseerd door buurtsportcoaches. Vroeger waren het vooral de beleidsambtenaren die dat deden. Een buurtsportcoach geeft er toch een andere draai aan. Die bepaalt mede het succes. Dankzij verdere professionalisering van buurtsportcoaches op lokaal niveau komt er een steeds beter aanbod voor alle doelgroepen.”

Duizenden professionals en vrijwilligers

Duizenden professionals en vrijwilligers hetzelfde doel laten nastreven met een evenement lijkt geen eenvoudige taak. “We zijn er ook een groot deel van het jaar mee bezig”, legt Kees uit. “In juni is de evaluatie en hebben we alle resultaten van de Nationale Sportweek. Ook de resultaten van het landelijke onderzoek dat GfK elk jaar voor ons uitvoert. Na de zomer beginnen we weer met de organisatie voor het volgende evenement. Daar hoort onder andere het organiseren van een inspiratiesessie voor buurtsportcoaches bij, afgelopen februari hebben we dat op Papendal gedaan. Verder gaat veel communicatie via de lokale organisatoren en onze nieuwsbrieven, plus de promotie van het evenement in allerlei overlegvormen. De werving loopt via de gemeenten. Overigens zal de tijdlijn er voor volgend jaar iets anders uitzien, want met ingang van 2016 verplaatst de Nationale Sportweek naar september. Nederland vormde een van de inspiratiebronnen voor de EU om ook in Europees verband een sportweek te gaan organiseren. De EU heeft onze aanpak omarmd en organiseert vanaf dit najaar een Europese Sportweek. Daar sluiten we dit jaar nog niet bij aan, want onze communicatie voor het voorjaar was al gestart. Met ingang van volgend jaar dus wel. Het is toch wel een beloning voor Nederland, dat we zodanig kunnen binden en boeien met de Nationale Sportweek, dat de EU het overneemt.”

Geen zorgen

En wanneer is het doel bereikt met de Nationale Sportweek? “We bereiken elk jaar weer meer”, vindt Kees. “Maar het doel is helemaal bereikt als alle sportclubs in Nederland open huis houden tijdens de Nationale Sportweek én als iedereen die werkt in de sport plezier beleeft aan het werken met de Nationale Sportweek. Als je plezier hebt, doe je je werk immers ook goed. Belangrijk blijft om gemeenten en sportbonden betrokken te houden. Maar daar maak ik me geen zorgen om, het evenement wordt steeds beter en professioneler. De aanpak om via de Nationale Sportweek te richten op behoud en werving van leden ligt kwalitatief op een steeds hoger niveau.”

Variatie en warmte

Trots is Kees vooral op alle mooie voorbeelden die hij ziet van lokale sportpromotie. “Ik kan eindeloos veel voorbeelden noemen van de variatie en de creativiteit waarmee mensen komen. Wat denk je van een sportkrant die is ontwikkeld door jeugdjournalisten? Of hele kleine, intieme sportactiviteiten die speciaal worden ontwikkeld voor ouderen in zorgcentra? Dat geeft meteen de legacy van het evenement aan. Dat de sportetalage in al zijn variatie en warmte door mensen die het organiseren een van de mooiste evenementen van Nederland is. Als je dit borgt, kan sport betekenisvol zijn voor het sociaal domein.”

Tips

Heeft Kees nog tips voor anderen die sport willen promoten middels een evenement? “Mijn belangrijkste advies is om te vertrouwen op de kwaliteit van de buurtsportcoaches en de kracht van vrijwilligers. Die combinatie moet je optimaal benutten. Ik persoonlijk ben van mening dat werken in de sport gewoon fantastisch is. Ik heb een achtergrond bij sportbonden, werk sinds 1999 bij NOC*NSF. Het verrijkt leven.”